We leven in een tijd waarin kennis overal is. Met een paar aanrakingen van een scherm kunnen we duizenden boeken lezen, eindeloos luisteren naar podcasts, cursussen volgen en antwoorden vinden op bijna iedere vraag die in ons opkomt. nog nooit heeft de mens zoveel geweten en misschien juist daarom zijn we verder verwijderd geraakt van iets veel wezenlijkers: ervaren. Want weten verandert niets.
Je kunt precies begrijpen waarom rust belangrijk is en toch iedere dag opgejaagd leven. Je kunt alles lezen over grenzen stellen en toch telkens weer over je eigen grens heen stappen (of laten stappen). Je kunt de taal van spiritualiteit vloeiend spreken zonder ooit werkelijk stil te worden.
Er bestaat een wereld van verschil tussen iets begrijpen en iets belichamen. precies daar, tussen weten en doen, leeft het lichaam.
Het lichaam liegt niet
Ons hoofd vertelt verhalen. Het verklaart, analyseert, rechtvaardigt. Het zoekt naar verbanden en probeert grip te krijgen op een werkelijkheid die zich niet volledig laat begrijpen.
Het lichaam doet niets van dat alles. Het liegt niet, het onderhandelt niet, het reageert. Het spant zich op wanneer iets niet veilig voelt en ontspant wanneer vertrouwen terugkeert. Het trekt zich terug wanneer het te veel is geworden en beweegt vanzelf wanneer de ruimte weer ontstaat.
Lang voordat je hoofd begrijpt wat er aan de hand is heeft je lichaam het vaak al verteld. Niet in woorden maar in een ademhaling die oppervlakkiger wordt. In schouders die steeds iets hoger blijven staan, een vermoeidheid die niet verdwijnt met een goede nacht slapen. Of juist in dat onverklaarbare gevoel van rust wanneer je een bos binnenloopt en de geur van vochtige aarde je tegemoet komt. het lichaam spreekt voortdurend. Alleen zijn we verleerd om die taal nog te verstaan.
Onze voorouders leerden niet door uitleg
Eeuwenlang werd kennis niet verzameld in boeken, ze werd geleefd. Je leerde niet wat een seizoen betekende door erover te lezen. Je voelde het in de kou die langzaam uit de grond trok, in de geur van nat blad, de eerste warmte van de lentezon op je gezicht,...
Je leerde niet wat moed was omdat iemand het uitlegde, je ontdekte het door moeilijke keuzes te maken. Je leerde niet wat stilte was tijdens een meditatiecursus, je kende haar omdat het bos soms dagenlang je enige gezelschap was. Wijsheid ontstond niet uit informatie. Ze groeide uit ervaring. Misschien is dat wel wat we onderweg zijn kwijtgeraakt. We verzamelen inzichten alsof ze op zichzelf voldoende zijn, terwijl echte verandering pas begint wanneer een inzicht langzaam afdaalt uit het hoofd en een plek vindt in het lichaam. Of zoals Steve Kamb het in zijn boek "Level up your life" zo mooi vergelijkt met een South Park aflevering: je verzamelt onderbroeken zonder ooit tot actie te komen.
Daarom werken oude tradities nog steeds
Misschien is dat ook de reden waarom oude tradities nog altijd iets in ons wakker maken. Ze zijn niet magisch, ze bevatten geen geheimen die de moderne wereld vergeten is. Ze betrekken het lichaam.
Wanneer je een rune trekt gebeurt er iets tastbaars. Je kiest een teken, je houdt het vast, je kijkt er naar, je neemt het mee door je week. Wanneer je een vuur aansteekt verandert er iets in de ruimte én in jezelf. Wanneer je blootsvoets over een bospad loopt denkt je lichaam niet na over de ervaring. Het ondergaat haar, dat is een wezenlijk verschil. het lichaam verandert niet door theorie maar door ontmoeting.
De natuur vraagt niets van je
Juist daarom is de natuur zo'n eerlijke leermeester. Een boom vraagt je niet om positiever te denken, de wind vraagt je niet om trauma's los te laten. Een beek probeert je niet te overtuigen dat alles goed komt. De natuur doet niets, ze is. Dat zijn is een uitnodiging naar iedervan ons om hetzelfde te doen. Je gaat niet stil staan omdat het spiritueel klinkt maar omdat je lichaam in die stilstand eindelijk de kans krijgt bij te benen wat je hoofd allang voorbij is gelopen. Misschien is dat waarom zoveel mensen zeggen dat ze zich na een wandeling in het bos anders voelen terwijl ze niet kunnen uitleggen waarom. Het bos heeft niets toegevoegd, het heeft net iets weggenomen. Ruis, haast, de voortdurende drang om overal betekenis aan te geven.
Wijsheid is langzaam
Onze cultuur houdt van snelheid: sneller leren, sneller groeien, sneller helen,... Alsof wijsheid een bestemming is die je kunt bereiken wanneer je maar genoeg kennis verzamelt. Wijsheid laat zich echter niet haasten. Ze groeit zoals een eik groeit: onzichtbaar, laag voor laag, seizoen na seizoen. Niet spectaculair, wel onverwoestbaar. Het zou wel eens goed kunnen zijn dat net daarom oude bomen zoveel ontzag oproepen. Ze zijn niet groot geworden door harder te groeien dan de rest. Ze zijn blijven staan.
Terug naar wat het lichaam al weet
Misschien hoeven we uiteindelijk niet méér te leren. We hoeven ons enkel te herinneren wat ons lichaam nooit vergeten is. Rust is geen beloning, het is een ritme. Stilte is geen leegte maar een plek waarin je jezelf weer kunt horen. Richting wordt niet altijd gevonden door verder te kijken maar soms door steviger te gaan staan. Tussen weten en doen ligt geen techniek, geen methode, geen geheim. Daar ligt het lichaam. En misschien wacht het daar al veel langer op ons dan wij op hem.